Tijdelijke cao-maatregel ter bestrijding van crisis komt zowel werkgevers als werknemers ten goede

Werkgevers moeten de mogelijkheid krijgen om een vierde of zelfs vijfde arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd aan een werknemer aan te bieden. Ook dient de maximale duur van elkaar opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd verlengd te worden. Nu mag op grond van de wet maximaal drie keer een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd worden aangeboden, dan wel mogen meerdere arbeidsovereenkomsten in totaal niet meer dan 36 maanden duren. Daarna is sprake van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Gezien de crisis en de onzekere situatie waarin veel organisaties verkeren durven werkgevers het momenteel vaak niet aan om een werknemer voor onbepaalde tijd in dienst te nemen. Het gevolg daarvan is dat het dienstverband van rechtswege eindigt na de derde arbeidsovereenkomst of na 36 maanden. Het nadeel voor de werknemer is dat hij zijn baan verliest en voor de werkgever betekent het onder meer kennisuitstroom. Bij cao mag van de bovenbedoelde wettelijke bepaling worden afgeweken. Cao-partijen zouden daar gedurende de crisis tijdelijk meer gebruik van moeten maken.

Uit een recent onderzoek blijkt dat in 46 van 115 onderzochte cao’s gebruikgemaakt is van de mogelijkheid om van de wet af te wijken. In de helft daarvan is de afwijkmogelijkheid alleen van toepassing op bepaalde groepen werknemers, zoals 65-plussers. In de andere helft geldt de afwijkmogelijkheid voor alle werknemers. Voorbeelden zijn de horeca-cao en de grafimedia-cao. Het klinkt tegenstrijdig dat de versoepeling ook voor werknemers positief is. Over de hele linie worden inmiddels arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd niet verlengd om bovenvermelde reden, met name in de bouwnijverheid en de industrie. Als het voor werkgevers mogelijk is om een vierde dan wel een vijfde arbeidsovereenkomst aan te bieden, is de kans groter dat de werknemer in dienst blijft in plaats van dat hij werkloos wordt. Als het economisch tij keert en de werknemer in dienst blijft, ontstaat uiteindelijk alsnog het gewenste dienstverband voor onbepaalde tijd.

Omdat de toename van de werkloosheid door de crisis het meeste gevoeld wordt door jongeren, is door het nu demissionair geworden kabinet een wetsvoorstel ingediend met als doel jongeren tot 27 jaar langer aan het werk te houden. Dit door een verruiming te maken naar vier arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, dan wel meerdere arbeidsovereenkomsten met een maximale duur van 46 maanden. Het betreft een tijdelijke maatregel voor de duur van in principe twee jaar. Nogmaals, dat cao-partijen meer gebruik moeten maken van de mogelijkheid bij cao af te wijken, moet slechts tijdelijk zijn. Een cao geldt meestal één tot twee jaar, soms langer. Bij de toekomstige cao-onderhandelingen dient vervolgens bekeken te worden in hoeverre de economie en de branche zich hersteld hebben en in hoeverre het nog wenselijk is dat de afwijkmogelijkheid in de cao is opgenomen. 

 


Mr. Simone Drost is bedrijfsjurist bij DAS""