Search
Add Listing
Sign In

Wegcontracteren van ketenregeling in vaststellingsovereenkomst

De ketenregeling bepaalt kort gezegd dat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaat wanneer twee of meer opvolgende tijdelijke arbeidsovereenkomsten een periode van 36 maanden hebben overschreven danwel wanneer meer dan drie tijdelijke contracten elkaar hebben opgevolgd.

 

De ketenregeling geldt niet alleen tussen dezelfde werkgever en werknemer, maar ook tussen een werknemer en verschillende werkgevers als deze werkgevers geacht moeten worden elkaars opvolger te zijn.

 

Ondanks dat de ketenregeling al vele jaren bestaat, zijn werkgevers nog altijd op zoek naar manieren om de ketenregeling uit te sluiten of te omzeilen. In de navolgende zaak heeft de werkgever geprobeerd om de ketenregeling “weg te contracteren” in een vaststellingsovereenkomst. Helaas voor de werkgever wordt (ook) deze constructie niet goedgekeurd door de rechter.

 

Feiten

In deze zaak was werknemer twee jaar in dienst bij Trappenfabriek B.V. op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Op enig moment is Trappenfabriek B.V. failliet verklaard. Kort na het faillissement heeft de curator de arbeidsovereenkomst met werknemer opgezegd.

 

Enkele weken na het faillissement hebben twee directeuren een deel van de failliete onderneming overgenomen en voortgezet in een nieuwe B.V., te weten Traptechniek B.V. Daarbij is aan werknemer een arbeidsovereenkomst voor de duur van 1,5 jaar (tot 1 januari 2014) aangeboden. Werknemer heeft dit aanbod geaccepteerd.

 

Gelijktijdig met de nieuwe arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd heeft Traptechniek B.V. een vaststellingsovereenkomst voorgelegd aan werknemer. Bij deze overeenkomst verklaart werknemer dat Traptechniek B.V. nimmer als opvolgend werkgever kan worden aangemerkt van Trappenfabriek B.V. en dat de nieuw aangeboden arbeidsovereenkomst automatisch eindigt op 1 januari 2014. Werknemer heeft de vaststellingsovereenkomst ondertekend.

 

Uit hoofde van de nieuwe arbeidsovereenkomst heeft werknemer tot 1 januari 2014 dezelfde werkzaamheden verricht tegen dezelfde arbeidsvoorwaarden als bij zijn vorige werkgever (Trappenfrabriek B.V.).

 

Eind december 2013 heeft Traptechniek B.V. aan werknemer medegedeeld dat zijn arbeidsovereenkomst niet wordt verlengd.

 

 

 

Vordering werknemer

Werknemer vordert onder meer doorbetaling van loon vanaf 1 januari 2014. Werknemer stelt daarbij dat er een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan, omdat hij gedurende meer dan 36 maanden werkzaam is geweest op basis van twee contracten voor bepaalde tijd en Traptechniek B.V. moet worden aangemerkt als de opvolger van Trappenfabriek B.V.

 

Traptechniek B.V. heeft zich verzet tegen de vordering van werknemer door te wijzen op de vaststellingsovereenkomst die partijen hebben gesloten.  

 

Oordeel kantonrechter

De kantonrechter stelt eenvoudig vast dat de arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd een periode van 36 maanden hebben overschreden, zodat op grond van de ketenregeling (artikel 7:668a BW) de overeenkomst van werknemer automatisch is omgezet naar een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

 

Vervolgens is de vraag of partijen van de ketenregeling konden afwijken in de vaststellingsovereenkomst die maakt dat de arbeidsovereenkomst op grond daarvan alsnog geëindigd is per 1 januari 2014.

 

Op grond van artikel 7:902 BW mag een vaststellingsovereenkomst in strijd zijn met dwingend recht, zoals in dit geval de ketenregeling, mits de vaststellingsovereenkomst is aangegaan ter beëindiging van onzekerheid of een geschil en de vaststellingsovereenkomst geen strijd oplevert met de openbare orde of goede zeden.

 

Volgens de kantonrechter betekent dit echter niet dat partijen dwingend recht, zoals in dit geval de ketenregeling, op voorhand en bewust ter zijde kunnen stellen. Het bewust buiten toepassing laten van dwingend recht levert strijdigheid op met de openbare orde. Toegestaan is slechts afwijking van dwingend recht nadat onzekerheid of een geschil is ontstaan.

 

In deze zaak was bij het aangaan van de vaststellingsovereenkomst geen sprake van een geschil tussen partijen. Feitelijk regelt deze overeenkomst dat partijen zich op voorhand neerleggen bij het einde van de arbeidsovereenkomst per 1 januari 2014, waar dit zonder deze vaststellingsovereenkomst op grond van dwingend recht niet het geval zou zijn. Bij het aangaan van de overeenkomst is kennelijk bewust afgeweken van dwingend recht, zonder een reeds bestaande discussie tussen partijen.

 

Daarbij komt dat met de gekozen constructie niet alleen afgeweken wordt van de dwingendrechtelijke ketenregeling, maar dat door het toestaan van deze constructie de werknemer feitelijk ook zijn bescherming bij ziekte verminderd ziet en dat regels die behoren te gelden bij een (bedrijfseconomisch) ontslag buiten toepassing gelaten kunnen worden.  

Op basis van het bovenstaande concludeert de kantonrechter dan ook dat tussen werknemer en Traptechniek B.V. een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd bestaat en dat Traptechniek B.V. loon verschuldigd is aan werknemer.

Add Comment

You must be logged in to post a comment.

HRnetwerk.nl

Sign In HRnetwerk.nl

For faster login or register use your social account.

or

Account details will be confirmed via email.

Reset Your Password